? Web viewHet winnen van de bal gaat niet meer om zo snel mogelijk weer tot aanvallen te komen, maar,…

  • Published on
    07-Jul-2018

  • View
    212

  • Download
    0

Embed Size (px)

Transcript

BMB = Beweging Met Bal

BZB = Beweging zonder bal

VCT = Voetbal conditionele training

http://voetbalenhersteltrainer.nl/wp-content/uploads/2015/01/TC3_BK_VCT-periodisering-website-1a1.pdf

Op deze website/presentatie staat alles wat je moet weten over VCT.

F-pupillen: Het doelgericht leren handelen met de bal

Uitgangspunten aanvallen

Het gaat om winnen van de wedstrijd, de bal moet naar het doel van de tegenstander.

Spelers die van achteruit de bal redelijk naar voren kunnen trappen en spelers die meer gericht zijn op het creren van schietkansen (vooral voor zichzelf) en het scoren.

Aanvallen zal veelvuldig stranden in de voeten van een tegenstander, de bal gaat vaak over de zij- of doellijn en struikelen over de bal door te gehaast willen handelen. Een continu proces van vallen en opstaan.

Uitgangspunten verdedigen

De bal mag niet het eigen doel belanden en proberen de bal weer in bezit te krijgen.

Allemaal meedoen in de verdediging is de eerste aanwijzing, niet allemaal te gelijk aanvallen zonder rekening te houden met het kunnen verliezen van de bal hoort hier ook bij.

Eerst het doel afschermen en daarbij proberen de bal proberen terug te heroveren.

Uitgangspunten omschakelen

F-pupillen moeten zo veel mogelijk betrokken zijn op hetgeen er met en rondom de bal gebeurt. Zo snel mogelijk weer op de bal gericht zijn. Of naar het doel van de tegenstander of naar het eigen doel

E-pupillen: Het leren samen doelgericht te spelen.

Uitgangspunten aanvallen

Het kiezen om een situatie zelf op te lossen of samen met een medespeler tot het doel van aanvallen komen. Ze gaan steeds beter door krijgen wat de medespeler en de tegenstander doen.

Niet iedereen blijft op een kluitje voetballen, door ze hiermee te confronteren krijgen ze sneller inzicht in het voetballen in de ruimte die ze stap voor stap ontwikkelen.

De wedstrijd biedt mogelijkheden om kwaliteiten, weerstanden en tekortkomingen te ontdekken.

Uitgangspunten verdedigen

Wat moet er verdedigd worden en hoe moet er verdedigd worden.

Concreet maken van het individuele handelen in termen van positie, richting, moment en snelheid binnen het team.

Wanneer begint verdedigen, wat moet er eerst gebeuren, wie is verantwoordelijk voor wie en waar, wie gaat proberen de bal te veroveren.

Belangrijk voor de coach om deze aanknopingspunten aan te rijken aan de spelers om zo verder te ontwikkelen.

Uitgangspunten omschakelen

Logische verdeling van alle spelers over het veld, wie blijft voorin en wie blijft achterin.

De spelers, waar ze zich ook bevinden, moeten zich gaan realiseren wat ze hebben te doen om zo snel mogelijk weer in de nieuwe situatie nuttig te kunnen zijn

D-Pupillen: Het leren spelen vanuit een basistaak

Het voornaamste is dat de spelers in de eerste 11 tegen 11 situatie, gegeven de positie van de spelers, leren wat de bijbehorende taak inhoudt, waarop ze worden aangesproken en welke bijdrage ze moeten leveren in het aanvallen, verdedigen en omschakelen.

Beter handelen

Word de bal gespeeld met de juiste snelheid en in de goede richting?

Kiest de speler goed positie om aanspeelbaar te zijn?

Biedt de speler op het juiste moment aan?

Wat is het moment om de bal in te spelen?

Wat is het moment om een individuele actie te maken?

Uitgangspunten aanvallen

Ruimte met elkaar groot maken

Veldbezetting optimaal houden.

Welke spelers zijn betrokken bij de aanval

Uitgangspunten verdedigen

Het gaat niet meer om individueel verdedigen en voorkomen van doelpunten maar om het vervullen van een taak binnen de verdediging

Functie van buitenspelregel leren.

Speelruimte van de tegenstander zo klein mogelijk maken

Alle spelers hebben een rol in het verdedigen

Taak 1: Samen voorkomen van doelpunten

Taak 2: Leren steeds beter waar en hoe ze samen de opbouw van de tegenstander kunnen verstoren

Taak 3: Herkennen van het moment om de bal te veroveren.

Uitgangspunten omschakelen

Veroveren van de bal

Speler die de bal onderschept probeert eerst de diepte te spelen (Diepte voor breedte) of kan zelf proberen een individuele actie te maken (als hiervoor de mogelijkheid is)

Spelers die verder weg zijn vragen om de dieptepass (denk om buitenspel)

Overige spelers maken het veld groot en moeten initiatief tonen voor het voortzetten van het spel.

Verliezen van de bal

De speler die het dichtst in de buurt van de bal is probeert de directe dieptepass te voorkomen (druk op de bal).

Alle spelers schakelen om vanuit hun positie in een tegendoelpunt te voorkomen

Knijpen (ruimte kleiner maken)

Schot blokkeren

Goede positie kiezen om gevaar te voorkomen

Je directe tegenstander dekken

De tegenstander ophouden en niet erin vliegen (niet happen) waar nodig of waar kan rugdekking geven

Keeper is een soort vrije verdediger

C-junioren: Het afstemmen van basistaken binnen een team

Deze periode is vaak lastig voor de spelers omdat ze net in de puberteit komen (groeispurt, etc.) maar ze nog niet goed weten hoe ze hier adequaat mee om moeten gaan. Ze zoeken vaak de grenzen op van de gestelde regels en de relatie naar volwassenen loopt vaak wat minder. Al het geleerde uit de vorige periode geldt hier nog steeds. Er zijn vaak haperingen in de uitvoering met en zonder bal (in de grond trappen of over de middellijn struikelen). Het gevoel voor inzicht groeit evenals het gevoel voor communiceren. Het uitbouwen van de taak binnen het team gebonden aan je positie staat centraal.

Uitgangspunten aanvallen.

Hetgeen wat in de d-pupillen is geleerd met betrekking tot het 11 tegen 11 voetballen en de buitenspelval verder worden uitgebouwd.

Er moet duidelijk worden dat spelers begrijpen welk doel opbouwen heeft en hoe scoren het beste gerealiseerd kan worden.

De aanvalsprincipes vanuit de D-pupillen blijven van kracht (veld groot maken, diepte gaat voor breedte, onderlinge afstand moet goed zijn voor een optimale veldbezetting en het moeilijk maken voor de tegenstander)

De motivatie en noodzaak om nuttig te handelen moet niet direct van de coach komen maar zal de situatie zo gearrangeerd moeten worden dat het juiste handelen oproept.

De coach is een arrangeur, vraagbaak, probleemoplosser en een steun in de rug

Uitgangspunten verdedigen

Het leren herkennen van de momenten in de opbouw van de tegenstander waar een kans is om de bal weer terug te heroveren.

Als team, alle elf de spelers, moeten het moment herkennen van die kans en daardoor actief verdedigen waardoor een doelpunt voorkomen word.

Het inzicht in de eigen taak, het handelen zonder bal, (positie kiezen, dekken, knijpen etc.) Het mee kunnen lezen met medespelers, communicatie, worden belangrijker om verdedigen te ontwikkelen.

Uitgangspunten omschakelen

Bij aanvallen altijd rekening houden met het feit dat er meer kans is om daar de bal te verliezen. Aan de andere geld het tegenovergestelde, daar is meer kans om de bal te veroveren.

Het leren beseffen dat omschakelmomenten tijdens dode spelmomenten, afvallende ballen (2de bal hebben of juist niet hebben) de momenten zijn waarop wedstrijden beslist kunnen worden.

De teleurstelling over een niet geslaagde individuele actie of het zich ergeren aan het handelen van een medespeler, tegenstander of scheidsrechter moet meer naar de achtergrond gedrongen worden, evenals het individuele belang.

B-Junioren: Spelen als een team

De doelstelling voor B-junioren is het werken aan het verder uitbalanceren van de samenwerking van 11 spelers. Beter afstemming van de teamtaken op elkaar, een beroep doen op medeverantwoordelijkheid voor het team en ook het stimuleren en corrigeren van teamgenoten. De coach speelt hier een belangrijke rol in als observator, bemiddelaar en corrigeerder.

Uitgangspunten aanvallen

Het aanvallen word een teamfunctie waarbij winst, resultaat en het rendement vooral gehaald moet worden uit het (leren) beheersen van spelsituaties overal op het veld.

Het leren omgaan met tijd en ruimte, het beheersen van het speltempo moet het verschil gaan maken met alle aspecten die in voorgaande leeftijdscategorien centraal hebben gestaan. (speltempo = de snelheid waarmee de bal in de lenge-richting van het speelveld word verplaatst)

Het hanteren en reguleren van het speltempo is een belangrijk element in het kader van kunnen beheersen van opbouw- en scoringssituaties

Uitgangspunten verdedigen

Hoe is het team in staat de bedoelingen van de tegenstander te verstoren

Verdedigen is een collectieve zaak waar geen n speler kan verzaken. Gaat n speler jagen heeft dat consequenties voor de rest van het team. Evenals wanneer een speler terugzakt naar de eigen helft.

Eerst zorgen dat de tegenpartij niet tot scoren komt

Ten tweede invloed uitoefenen (als team) op het opbouwen van de tegenstander

Als laatste wordt er stap voor stap en met nodige instructies de tegenpartij eerder in zijn opbouwactiviteiten gestoord en dus verder van het eigen doel afgehouden.

Uitgangspunten omschakelen

Als de bal weer herovert is moet er gekeken worden of er risico genomen moet worden om een doelpunt te forceren of juist geen risico genomen mag worden.

Ook wanneer de tegenstander aan de bal is, moet de bal kosten wat kost terug gewonnen worden of moet er beter georganiseerd worden en wachten tot de tegenstander risicos gaat nemen.

Vooral in de wedstrijdvoorbereiding en wedstrijd coaching kan op dergelijke aspecten worden ingespeeld.

A-Junioren: Het presteren als een team in de competitie

De spelers beginnen zich meer te gedragen als volwassen spelers. De plaats in een team is bevochten, de kwaliteit, tekortkomingen, karaktertrekker, hebbelijk- en onhebbelijkheden zijn bekend en de positie op het veld in een team heeft een meer definitief karakter gekregen. Ook de lichamelijke ontwikkeling kent niet meer van die onstuimige kenmerken.

Uitgangspunten aanvallen

De spelers zijn in staat elkaars mogelijkheden, ondergebracht in taken binnen een bepaalde teamorganisatie, te onderkennen, te herkennen en te benutten. Dit moet systematisch als onderdeel van een speelwijze, een speelplan. Voor de coach is het belangrijk om hier structuur in aan te brengen en dit onderdeel zo efficint mogelijk te ontwikkelen

Handelen op het juiste moment, met en zonder bal, en de juiste opeenvolging van de verschillende handelingen van de overige spelers.

Onderlinge afstemming is per definitie in het spelen van het voetbalspel een voortdurend onderwerp van aandacht

Het spel van tijd en ruimte is een hoofdthema in het leerproces, de intentie moet duidelijk af te lezen zijn aan het handelen.

Het hanteren van het speltempo, onder wisselende omstandigheden, is een aspect wat verder benadrukt en ontwikkeld moet worden. Alles gebaseerd op de doelstelling dat er gespeeld moet worden om te winnen.

Uitgangspunten verdedigen

Doelmatig verdedigen van alle spelers krijgt meer vorm door kennis van en het inzicht in het spelen in een bepaalde teamorganisatie.

De vorm van het verdedigen hangt af van kwaliteiten van de tegenpartij maar zeer zeker ook aan hoe de spelers ten opzichte van elkaar opereren.

Elke teamorganisatie heeft een eigen takenpakket voor elke speler.

Uitgangspunten omschakelen

Het omschakelen gaat meer een rol spelen in het reguleren/beheersen van het speltempo, temporiseren. Het winnen van de bal gaat niet meer om zo snel mogelijk weer tot aanvallen te komen, maar, gegeven de omstandigheden, de bal in de ploeg houden, een spelhervatting zo organiseren zodat de bal niet word verloren zijn aspecten die ontwikkeld moeten worden.

Anticiperen op omschakelen, het herkennen van mogelijke momenten in aanvallen en verdedigen en daarop tijdig anticiperen is de volgende stap.

Alle spelers zijn betrokken bij aanvallen en verdedigen en hebben hierin een taak.

Als de bal veroverd word snel een counter opzetten of juist het tempo weer omlaag brengen en de bal in de ploeg houden.

Wanneer de bal verloren word moet er duidelijk zijn of er direct druk op de bal moet komen of de tegenpartij laten opbouwen en terugzakken