ManpowerGroup Meedoen is belangrijker dan winnen

  • Published on
    27-Jan-2017

  • View
    188

  • Download
    2

Embed Size (px)

Transcript

<ul><li><p>Over het belang van een inclusieve arbeidsmarkt en hoe </p><p>u daaraan kunt bijdragen</p><p>Meedoen is belangrijker </p><p>dan winnen</p></li><li><p>3</p><p>Over het belang van een inclusieve arbeidsmarkt en hoe u daaraan kunt bijdragen</p><p>2</p><p>1 pagina 4Voorwoord &gt; Sta open Voor het onbekende</p><p>3 pagina 12bijna iedereen kan wat &gt; interView met prof. dr. joop SchipperS</p><p>pagina 18</p><p>Laat de markt het doen &gt; interView met prof. dr. annemieke roobeek</p><p>2 pagina 6inLeiding &gt; het moet Van twee kanten komen</p><p>4 pagina 24praktijkVoorbeeLden &gt; </p><p>5 pagina 50aan de SLag met incLuSiViteit &gt; tien tipS</p><p>MeedOen is belangrijker dan winnen</p></li><li><p>14 5</p><p>Het talent van mensen ver-binden met de behoeften van onze maatschappij, zodat talent optimaal wordt benut en ieder mens zich van waarde voelt. Dat is waar ManpowerGroup voor staat. Omdat we ons realiseren dat werken voor mensen veel mr is dan geld verdienen. Wie werkt, doet mee. Draagt bij aan de samenleving, wordt gezien en erkend in zijn kwaliteiten. </p><p>Voor een grote groep mensen in onze maatschappij is meedoen echter allesbehalve vanzelfspre-kend. Ze willen graag, maar hun talenten worden veelal over het hoofd gezien. Bijvoorbeeld doordat een beperking het zicht ontneemt op wat ze wrkelijk kunnen, doordat ze uit een ander land komen of een leeftijd heb-ben die nog steeds vooroordelen oproept. In arbeidsmarktjargon: ze hebben een afstand tot de arbeidsmarkt.Met dit witboek richten we de aandacht op deze groep en </p><p>houden we een stevig pleidooi voor een inclusieve arbeidsmarkt. Iedereen verdient immers een eerlijke kans op werk. Bovendien is de maatschappelijke urgentie hoog: er dreigt een kwalitatieve schaarste op de arbeidsmarkt te ontstaan; sommige sectoren hebben daar zelfs al mee te maken. In die situatie zijn er zijn wel voldoende werkzoekenden, maar hun kennis en vaardig-heden sluiten niet goed aan bij de vraag van werkgevers. Het is dus van groot belang dat ieder-een relevant wordt en blijft. Daar hebben we allemaal een taak in.In dit witboek leest u hoe experts aankijken tegen de inclusieve arbeidsmarkt en wat de ervarin-gen zijn van bedrijven en partijen die zich hiervoor inzetten. Na-tuurlijk krijgt u veel praktische tips en adviezen om zelf te werken aan inclusiviteit. De allerbelang-rijkste: kijk onbevangen naar het individu. Sta open voor het onbekende. </p><p>Begin er vandaag nog mee: werken aan inclusiviteit is een verrijkende ervaring die ik elke ondernemer van harte gun.</p><p>Veel succes!</p><p>Jos BrenninkmeijerCommercieel en operationeel directeur ManpowerGroup Nederland</p><p>sta open voor het onbekende</p></li><li><p>2</p><p>het Moet van twee kanten koMen</p><p>6 7</p></li><li><p>98</p><p>het moet van twee kanten komen Meedoen, al is het misschien slechts een beperkt aantal uren per week. Zo nodig op een aangepaste werkplek, al dan niet met begeleiding: in een inclusieve arbeidsmarkt heeft iedereen de mogelijkheid betaald werk te doen. Die inclusiviteit is nu nog ver te zoeken. Ongeveer n miljoen mensen staan langs de kant1: hun afstand tot de arbeidsmarkt is kennelijk te groot. De groep is behalve omvang-rijk ook zeer divers: onder hen bevinden zich ouderen, vluch-telingen met een verblijfsstatus en mensen met een beperking. Een groot aandeel vormt de groep met een Wajong-uitkering; mensen die al van jongs af aan met lichamelijke of geestelijke beperkingen te maken hebben (circa 246.000 personen2, waar-van circa 22 procent werkt3).</p><p>OngezondEr is een tijd geweest dat we ac-cepteerden dat een grote groep mensen in onze maatschappij niet kon meedoen. Het denken daarover is gelukkig veranderd. </p><p>We weten dat langdurig thuiszit-ten meestal niet gelukkig maakt en tot een sociaal isolement kan leiden. Dat het letterlijk ongezond kan zijn om jarenlang buiten het arbeidsproces te staan. Dat mensen die langdurig van een uitkering afhankelijk zijn, nauwe-lijks kunnen delen in de welvaart. In dit witboek wordt dat sociale en maatschappelijke belang van arbeidsparticipatie uitstekend verwoord door de experts die we hebben genterviewd.</p><p>Dubbel gezichtNaast de morele argumenten om werk eerlijker te verdelen, zijn er economische motieven. We leven in onzekere tijden. Niemand kan goed inschatten wat de effecten precies zullen zijn van verdergaande automatisering en robotisering. Waar, met andere woorden, de klappen zullen val-len. Duidelijk is evenwel dat veel mensen de komende tien jaar hun baan dreigen te verliezen. Zo ontstaat een arbeidsmarkt met een dubbel gezicht. Het aantal baanzoekers zal waar-schijnlijk het aantal openstaande vacatures overstijgen; in absolute aantallen zijn er dan ruim vol-doende mensen om al het werk te doen. Maar het gevaar is reel dat een aanzienlijk deel van hen niet kan voldoen aan de eisen die het werk stelt. Serieuze, kwalita-tieve tekorten op de arbeidsmarkt kunnen onze economie rem-men en daarmee onze welvaart bedreigen4.</p><p>Bijdragen aan inclusiviteitEraan bijdragen dat l het talent wordt benut, is internationaal een van de centrale doelstellin-gen van ManpowerGroup. Naar onze overtuiging is een inclusieve arbeidsmarkt in het belang van het individu, het bedrijfsleven en de maatschappij. Op verschil-lende manieren dragen we bij aan </p><p>inclusiviteit. Zo zijn we in Neder-land een van de leading partners van de Ambitie 2020 van MVO Nederland (zie kader links). We bevorderen de diversiteit en inclu-siviteit in onze eigen organisatie en helpen onze klanten via een team van social development </p><p>consultants hetzelfde te doen. Daarnaast zijn we bijvoorbeeld actief in de Amsterdam Econo-mic Board, die de Metropoolregio Amsterdam in 2025 tot de meest adaptieve arbeidsmarkt van Europa wil maken, zodat deze regio in economisch opzicht voorop kan lopen.</p><p>Gelukkig zien we dat steeds meer organisaties ervoor open staan om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een kans te bieden - in dit witboek hebben we daarvan enkele aansprekende voorbeelden opgenomen. We merken het in onze dagelijkse </p><p>contacten met werkgevers, maar het blijkt natuurlijk ook uit de banenafspraak die werkgevers en de overheid in 2013 hebben gemaakt, waarvan de eerste re-sultaten een mooie opsteker zijn (zie het kader hierboven). Al die werkgevers die werk ma-ken van inclusiviteit hebben vaak </p><p>n ding gemeen. Ze realiseren zich dat de afstand tot werk niet alln overbrugd kan worden door de werknemer, maar dat ze zelf k moeten bewegen en de werknemer deels tegemoet moeten komen. Net zo goed als de werknemer, kan dus ook de werkgever een afstand tot de ar-beidsmarkt hebben. Werkgevers die zich dt realiseren, hebben de eerste stap al gezet.</p><p>ParticiPatiewet</p><p>sinds 1 januari 2015 geldt de Participatiewet. deze wet ver-vangt de wet sociale werkvoor-ziening, de wet werk en bijstand en een groot deel van de wajong. Het doel is om meer mensen met een beperking aan de slag te krijgen bij reguliere werkgevers. spin in het web zijn de gemeen-ten: zij moeten de mensen om wie het gaat naar de arbeids-markt toeleiden. Om drempels weg te halen bij werkgevers, beschikt de gemeente over verschillende instrumenten, zoals loonkostensubsidie (als de werknemer het minimumloon niet kan verdienen), begeleiding en ondersteuning.</p><p>aMbitie 2020 van MvO nederland</p><p>nederland tot wereldvoorbeeld maken van een circulaire en inclusieve economie. dat is de nationale ambitie van het neder-landse bedrijfsleven. Het nastre-ven van deze ambitie moet ervoor zorgen dat onze economie sterk, sociaal en concurrerend blijft. MvO nederland wil met ambitie 2020 helpen om deze doelstelling van het nederlandse bedrijfs-leven te verwezenlijken. Zeven organisaties zetten zich daar in het bijzonder voor in, de leading partners: abn amro, alliander, asn bank, corporate Facility Partners, delta lloyd, Manpower-group en ns. Zij geven richting en inhoud aan ambitie 2020. Ze zijn boegbeeld van een ambitiecoalitie en vormen samen de ambitieraad die toeziet op de vorming en uitvoering van het programma.</p><p>banenaFsPraak en quOtuM</p><p>in een sociaal akkoord hebben kabinet en sociale partners in april 2013 afgesproken extra banen te creren voor mensen met een arbeidsbe-perking. Het gaat om 125.000 banen: 100.000 in de markt (einddatum 2016) en 25.000 bij de overheid (einddatum 2024). daarnaast moeten er 30.000 beschutte werkplekken komen: plekken voor mensen die alleen met intensieve begeleiding kunnen werken, bijvoorbeeld bij een sociaal-werkbedrijf. de aantallen banen die erbij moeten komen, zijn verdeeld over de jaren; eind 2015 hadden de eerste 9.000 banen er moeten zijn (6.000 in de markt, 3.000 bij de overheid). een onderdeel van de afspra-ken is de quotumregeling: als de aantallen niet worden gehaald, kan de overheid een heffing opleggen. Hierbij wordt niet gekeken naar indivi-duele bedrijven, maar naar de sectoren (markt en overheid). Mocht die heffing er komen, dan geldt deze alleen voor bedrijven met 25 of meer werknemers die per jaar meer dan 40.575 verloonde uren hebben. de eerste tekenen wijzen er niet op dat die quotumregeling er komt: in 2015 zijn er aanzienlijk meer banen gekomen dan was afgesproken. in totaal kwamen er 15.604 banen bij in de markt en 5.453 bij de overheid (ruim 12.000 uitzendbanen en detacheringen door wsw-bedrijven)5.</p></li><li><p>310 11</p><p>&gt; prof. dr. Joop schippers</p><p>&gt; prof. dr. anneMieke roobeek</p></li><li><p>1312</p><p>3biJna iedereenkan watinterview met prof. dr. joop schippers</p></li><li><p>14 In een inclusieve samenleving doet iedereen naar vermogen mee. Dat betekent dat je als uitgangspunt neemt: wat kan iemand? En niet: wat is financieel haalbaar? Als je er z naar kijkt, kan bijna iedereen wel iets doen. Als het gesprek over inclusiviteit gaat, moet Schippers nog wel eens denken aan de slagers-knecht uit het dorp waar zijn oom is opgegroeid. Die jongen zat altijd half omgekeerd op zn fiets en je kon hem moeilijk verstaan. Op vrijdag bracht hij het vlees rond. Je wist nooit precies hoe laat hij kwam. Bij de n kreeg hij een kop soep, bij de ander een boterham. Hij deed iets </p><p>nuttigs en speelde zijn rol in de maatschappij mee, al was die heel bescheiden. Deze mensen hebben we naar de marge van de samenleving verplaatst. Op een keurige manier, want we zijn een beschaafd land. We regelen het dus netjes en vooral hl precies. Maar ondertussen doen die mensen niet meer mee. </p><p>HokjesgeestDat de samenleving in de loop der jaren minder inclusief is geworden, komt niet alleen door de uitbouw van de verzorgings-staat, waarin de garantie van een inkomen lange tijd voorop stond. Ook de manier waarop het werk </p><p>is veranderd, maakt het voor mensen die minder goed mee-kunnen moeilijker. Veel werk is complexer en vooral technischer geworden. Schippers: Neem het boerenbedrijf. Daar was vroeger voor iedereen wel wat te doen. Nu is het een computergestuurde onderneming, waar spierkracht nauwelijks nog van belang is. Je moet minimaal hbo hebben om een goede boer te zijn. Zo geldt dat voor veel sectoren. Werken is topsport geworden; bijna alle laagproductieve arbeid hebben we weggerationaliseerd. En om die topsport te mogen bedrijven, heb je het juiste papiertje nodig. We kijken niet naar wat iemand </p><p>in onze hoogontwikkelde maatschappij is werken topsport geworden. Fijn voor de toppers, maar wat als je geen startbewijs hebt of geblesseerd bent? Prof. dr. joop schippers legt uit hoe basisbanen een oplossing kunnen bieden. wat daarvoor nodig is? een beetje politieke wil en ondernemerschap.</p><p>deZe menSen hebben we naarde marge Van de SamenLeVingVerpLaatSt. op een keurigemanier, want we Zijn eenbeSchaafd Land</p><p>15</p><p>Over joop schippers</p><p>Hoogleraar arbeidseconomie prof. dr. joop schippers is sinds 1978 verbonden aan de universiteit utrecht (Faculteit recht, economie, bestuur en Organisatie). Zijn onderzoek richt zich op uiteenlo- pende aspecten van de arbeidsmarkt. de laatste jaren staat vooral onderzoek naar de arbeidsmarktpositie van oudere werknemers centraal. daarnaast richt zijn onderzoek zich onder meer op genderverschillen op de arbeidsmarkt. schippers bekleedt een aantal neven-functies. Zo is hij onder meer lid van de Monitorcommissie van talent naar de top. deze commissie monitort het behalen van de streefcijfers voor vrouwen en mannen in raden van bestuur en raden van commissarissen, zoals opgenomen in de wet bestuur en toezicht.</p><p>bijna iedereen kan wat</p></li><li><p>kan, maar in welke categorie hij hoort. Bijna nergens is de hokjes-geest zo groot als in Nederland.</p><p>BasisbanenHet moet anders en dat kan ook, is Schippers overtuiging. Een deel van de mensen om wie het gaat, is productief genoeg om het minimumloon te verdienen. Zij moeten via de reguliere arbeids-markt aan werk kunnen komen. Voor een veel groter deel zullen er nooit spontaan banen komen. Daar moet je dus iets voor organiseren. Schippers pleitte in dat verband eerder met Alfred Kleinknecht, emeritus hoogleraar economie (TU Delft) en Jos Kok, oud-topman bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkge-legenheid en het UWV, voor het concept basisbanen. Banen die in opdracht van een collectieve </p><p>opdrachtgever (de overheid) gecreerd worden en waarop mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt worden geplaatst. Bijvoorbeeld door arbeidsinter-mediairs als uitzendbureaus. Schippers ziet vooral kansen in het publieke domein. Daar ervaren veel burgers tekortkomin-gen, bijvoorbeeld op het gebied van de zorg, de veiligheid en de kwaliteit van de leefomgeving. Bovendien is daar niet zo snel sprake van oneerlijke concur-rentie.</p><p>Melkertbaan 2.0Wie een basisbaan vervult, ver-dient het minimumloon en heeft dezelfde arbeidsrechtelijke positie als andere werknemers. Met een beetje subsidie van de overheid moet dat mogelijk zijn. Dat klinkt als een melkertbaan 2.0. Schip-</p><p>pers: Inderdaad. Vergeet niet: de melkertbanen waren een enorm succes voor diegenen die deze banen vervulden en voor de par-tijen die ermee geholpen werden. Alleen de pretentie dat men-sen zouden doorstromen naar reguliere banen is nooit waarge-maakt, iets waar deskundigen op voorhand al voor waarschuwden. Laat die belofte dus achterwege.</p><p>Politieke wilWat is er nodig om het idee van de basisbaan verder te bren-gen? Een beetje politieke wil, waarbij het denken op de korte termijn wordt losgelaten. In eerste instantie kost het namelijk wat geld, pas na enkele jaren komen de baten: de werkdruk van de mensen die al een baan hebben gaat naar beneden, de tevreden-heid van medewerkers die ontlast worden gaat omhoog. Maar ook de kwaliteit van leven wordt be-ter. Mensen in een verpleeghuis worden bijvoorbeeld weer eens wat vaker voorgelezen. De zorg voor ouderen wordt beter. Je zult ook zien dat veel zaken in elkaar grijpen.Hij noemt het voorbeeld van twee mannen die indertijd op basis van een melkertbaan een fietsenstal-ling opzetten. Na verloop van tijd gingen ze ook banden plakken </p><p>en maakten er dus een heus be-drijf van. Ze hadden heel de dag aanloop, maakten met iedereen een praatje en droegen bij aan het sociale cement van de wijk. Als er jongens waren die rot-tigheid uithaalden, signaleerden ze dat en zeiden er wat van. Dit voorbeeld laat zien dat niet alles zich vertaalt in harde euros en dat we ons moeten realiseren dat welvaart niet alleen gaat over ma-terie, maar ook over de kwaliteit van leven.</p><p>Wel...</p></li></ul>